"Flink Consultants geeft onafhankelijk
energieadvies op maat aan bedrijven in Nederland."

De energiemarkt


De liberalisering van de energiemarkt is niet alleen een keuze van de overheid om scherpere concurrentie tussen energiebedrijven op gang te brengen. Het is ook een uitvloeisel van de uitgangspunten van de Europese Unie: een vrij verkeer van kapitaal, goederen, diensten en mensen. De Europese Unie heeft juli 2007 als uiterste invoerdatum voor de liberalisering vastgelegd. Nederland wilde echter dat iedereen zo snel mogelijk van de keuzevrijheid kon profiteren en heeft daarom per 1 juli 2004 de volledige markt geliberaliseerd.

Om consumenten en energiebedrijven goed voor te bereiden op een vrije energiemarkt heeft de Nederlandse overheid de liberalisering stap voor stap ingezet. Zo is in 1998 de markt voor grootverbruikers (grote fabrieken) voor alle soorten energie al geliberaliseerd. In 2001 werd de volgende stap gezet met de liberalisering van de groene energiemarkt voor alle verbruikers. Vanaf 1 januari 2002 mochten ook middelgrote verbruikers (zakelijke afnemers uit het middensegment) zelf hun gas- en elektriciteitsleverancier kiezen. En vanaf 1 juli 2004 is de beurt aan kleinverbruikers, consumenten en kleinzakelijke afnemers.

Grootverbruiker of kleinverbruiker


Voor zowel elektriciteit als gas zijn de aansluitingen onderverdeeld in kleinverbruik- en grootverbruik aansluitingen. Deze indeling is onder andere van belang voor de rechtsbescherming van de verbruiker en de mogelijkheid om te kunnen onderhandelen over de leveringsvoorwaarden.

Elektriciteit


Voor elektriciteit is de grens van klein- naar grootverbruik gelegd op de aansluitwaarde van 3 x 80 Ampère. Als een aansluiting een hogere aansluitwaarde heeft dan 3 x 80 Ampère dan is dat grootverbruik, in alle andere gevallen kleinverbruik.

De aansluitwaarde geeft aan hoeveel energie er maximaal op elk moment kan worden afgenomen. Dit zegt niets over het werkelijke verbruik; een bedrijf met machines die gedurende een korte tijd, bij het inschakelen, een groot piekvermogen hebben, zal een aansluitwaarde hebben die deze piekbelasting minimaal aankan. In dat geval zal het grootste deel van de tijd ver onder deze maximale waarde worden afgenomen. Het kan daarom voorkomen dat aansluitingen met een niet al te hoog totaal verbruik toch als grootverbruik worden aangemerkt.

Gas


Voor gas was er tot 1 juli 2011 bepaald dat een aansluiting grootverbruik was als er meer dan 170.000 m3 gas per jaar werd verbruikt. Na 1 juli 2011 is de indeling, net als bij elektriciteit, gebaseerd op de maximale hoeveelheid energie die per tijdseenheid kan worden afgenomen. De grens is daarbij gesteld op 40 m3 per uur. Bij meer dan 40 m3 per uur is de aansluiting grootverbruik, bij minder is dat kleinverbruik.

Wat is het verschil tussen groot- en klein verbruik


Een energiebedrijf heeft voor het leveren van energie aan kleinverbruikers een vergunning nodig van de ACM (Autoriteit Consument en markt). Een kleinverbruiker wordt hierdoor beter beschermd dan een grootverbruiker waarvoor dit niet geldt. Een grootverbruiker kan met leveranciers onderhandelen over leveringsprijs en andere voorwaarden. Verder mag een grootverbruiker voor gas zelf de programmaverantwoordelijkheid voeren over haar verbruik of dit uitbesteden aan een programmaverantwoordelijke naar keuze.

Een grootverbruiker zal over het algemeen maandelijks worden afgerekend door de energieleverancier op het werkelijke verbruik. Een kleinverbruiker zal maandelijks een voorschot betalen en jaarlijks worden afgerekend. Bij kleinverbruik wordt verder nog de opdeling naar zakelijk en consument gemaakt. Deze indeling is van belang voor de opzegvergoeding bij het voortijdig beëindigen van een contract. Voor consumenten is deze opzegvergoeding gemaximeerd door de overheid.

Neem vrijblijvend contact op met één van onze consultants.

Neem contact op

Flink(e) Referenties

Bel mij terug